2. Ontzag en nederigheid

Hoe moeten we omgaan met een overweldigende en ook nog eens onzichtbare vijand? Deze onmacht is ondraaglijk voor wie niet wil aanvaarden dat de wereld niet volkomen maakbaar en beheersbaar is. Dat is die namelijk niet. Onze illusies van harmonie, onschuld en onschendbaarheid werden de laatste weken ruw onderbroken.

Waar komt die rare neiging toch vandaan dat we bij elke onwelkome verstoring van onze veilige leventjes naarstig op zoek gaan naar schuldigen die zogenaamd onvoldoende verantwoordelijkheid hebben genomen? Die we vervolgens verwijten dat ze niet genoeg gedaan hebben en vragen: hoe zorgen jullie ervoor dat dit ons nooit meer overkomt? Alsof alles te voorkomen is. Want met dit oneigenlijke appel op onze bestuurders schieten zij weer in een hopeloze verantwoordingsdrift. Zij proberen dan alles krampachtig dicht te timmeren met een verstikkende systeemwereld van regels en procedures. Het levert ons vooral schijncontrole op, regelkramp en onnodige bureaucratie. We geven het heft uit handen en activeren en onteigenen onszelf terwijl we schreeuwend langs de zijlijn staan. Deze neurotische pijn creëren we zelf.

Daarom is dit virus ook louterend. Zo kunnen ook wij weer ervaren dat incidenten, drama en rampen niet altijd vallen uit te sluiten. Dat je soms je verlies moet leren nemen, dat we leren om te incasseren en te rouwen. Dat we in imperfectie van het leven weer kunnen toelaten of zelfs omarmen. Laten we stoppen met de ver-Disneylandisering van de werkelijkheid. Het leven is niet altijd rechtvaardig. Of zoals de Engelstaligen zeggen: shit happens and sometimes life sucks.

Het is een kinderlijk wereldbeeld dat ons is ontnomen en de vraag is hoe erg dat is. Het brengt ons weer gepaste nederigheid. We kunnen weer ontzag voelen voor de onvoorspelbare natuur en de ondoorgrondelijkheid van het leven zelf. Dan is voor ons als mens bescheidenheid op zijn plaats. Pijn hoort bij het leven. De wereld is geen Hello Kitty-Club.