8. Een nieuw evenwicht

Op aarde is alles voortdurend gericht op het herstel van evenwicht. Ook deze crisis kun je zien als een natuurlijke poging om de balans te herstellen. Kim Putters, (directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau) verwacht op basis van eerdere grote crisis dat er ook nu een herschikking in de samenleving volgt. Vandaag nog stelt hij: ‘na deze crises kunnen we niet gewoon verdergaan zoals we altijd deden’.

Te lang doorgaan in een te hoge versnelling roept uiteindelijk een periode van vertraging op. Teveel ik-gerichtheid wordt opgevolgd door een sterke hang naar saamhorigheid. Het ritme van het leven is feitelijk in alles een oneindige balans tussen tegenstellingen: dag en nacht, zomer en winter, geboorte en dood. Deze tijd vraagt zowel om herwaardering als om een nieuw evenwicht.

Een wezenlijke balans die herstelt lijkt te willen worden, is de gerichtheid naar buiten versus onze gerichtheid naar binnen. Het uiterlijke leven richt zich op het tastbare, zichtbare, concrete resultaten, materiële mogelijkheden, status, macht, economische groei, etc. Het innerlijke leven zicht zich op het wezenlijke en onzichtbare, geestelijke mogelijkheden, liefde, harmonie, onze ziel, etc.

Alleen bestaat er een groot misverstand in verwachtingen. In het naar buiten richten menen we daar vertrouwen en overvloed aan te treffen en in het naar binnen keren denken we vooral angst en tekort tegen te komen. Echter, hoe dieper we graven, des te meer blijkt dat het precies andersom werkt. De eerste versterkt uiteindelijk ons gevoel van angst en tekort, de tweede brengt ons juist vertrouwen en overvloed.

Een belangrijk evenwicht is vooral te herstellen in onszelf, namelijk tussen het dierlijke aspect en het goddelijke aspect van de mens. Het dierlijke kenmerkt zich door meer gerichtheid op de buitenwereld, het goddelijke is meer te vinden in onze binnenwereld. Wanneer we ons teveel richten op het dierlijke aspect van ons mens-zijn, dan roept dat automatisch angst, tekort en strijd op. Dan creëert de mens haar eigen ellende. De menselijke geschiedenis staat er bol van. Door te vertrekken vanuit het goddelijke in ons, heeft de mens zichzelf soms tot grote hoogte weten te verheffen, zo leert onze historie ons ook.

Om onze plek in de wereld in te kunnen nemen, moeten we eerst onze eigen plek weer innemen. Door naar binnen te gaan, de goddelijke vonk in onszelf te herontdekken, en in evenwicht te komen. Om weer thuis te komen in de wereld, moet je eerst thuis zijn in jezelf.